Hoe vaak maak je het niet mee dat je een spreker betrapt op het ‘afraffelen’ van het laatste deel van zijn presentatie? Of oeps, dat hij of zij abrupt ineens hele stukken overslaat? Laten we eens duiken in de oorzaken ervan, zodat jou dit niet meer hoeft te overkomen.

Pas op voor vijf fatale fouten:

  1. Dat je geen ‘punt’ hebt. Niet weten wat nu eigenlijk die ene zin is die je aan je publiek wilt duidelijk maken. Als je dit wel hebt…
  2. Dat je vooraf niet in de schoenen van het publiek gaat staan. Dat het dus onduidelijk voor je is wat er voor dit publiek op dit moment nodig is om tot jouw punt te komen. Als je dit ook hebt…
  3. Dat je moeilijk hoofd- van bijzaken kunt scheiden en moeite hebt om jouw materie eenvoudig uit te leggen. Stel dat je dit wel kunt…
  4. Dat je deze eenvoudige Jip- en Janneketaal gewoonweg eigenlijk niet wilt… Je hebt (vaak onbewust) behoefte aan erkenning voor de complexiteit van de materie, van het geheel waar jij al zo lang ‘in’ zit en wilt dit ook graag delen met het publiek. Stel dat je deze erkenning zelfs ook niet hoeft…
  5. Dat je de korte route niet durft te pakken. Vaak merk ik dat presentatoren lastige vragen vóór willen zijn. Dat ze denken dat ze bij het publiek door de mand vallen als ze niet volledig zijn. Of het spannend vinden de interactie aan te gaan. Tja…

Respect voor mensen die in heldere taal iets complex kunnen uitleggen! En dan ook nog binnen de tijd die ervoor staat het publiek te boeien, te betrekken en mee te nemen in hun punt. Dit kun jij ook. Echt! Het vergt alleen wel enige voorbereiding:

  • een punt hebben.
  • weten wat er leeft onder je publiek en dit in je presentatie ook laten merken.
  • jezelf dwingen jouw punt eens uit te leggen aan – pak ‘m beet – een groep 8.
  • boven jezelf uitstijgen en je behoefte aan erkenning in jezelf oplossen.
  • reacties en vragen uit het publiek als een compliment (blijk van betrokkenheid!) te beschouwen in plaats van jezelf daarvoor op je kop geven.

Zie het als een uitdaging in je presentatie zo kort mogelijk te zijn! En de ruimte die overblijft te benutten met interactie met je publiek. Zij zullen je dankbaar zijn…